| Alex Leupen,
homeopathisch arts
De homeopathische behandeling van moeheid na chemotherapie en
bestraling
Kanker komt tegenwoordig veel voor bij mensen, met name darmkanker bij
mannen en borstkanker bij vrouwen. Vaak zijn deze mensen geopereerd, daarna
hebben ze chemotherapie gekregen gevolgd door bestraling. Dit alles is
een zware belasting voor het lichaam omdat ook de gezonde weefsels aangedaan
worden. Chemotherapie bestaat vaak uit drie verschillende cytostatica,
die snel delende cellen vernietigen of afremmen. Deze werking is natuurlijk
allereerst gericht op het doden van de sneldelende kankercellen, maar
ook gezonde sneldelende cellen krijgen een flinke klap, denk aan de haarzakjes
(haaruitval), huid en slijmvliezen (droge huid, droge mond, darmklachten)
en het beenmerg.
Bij bestraling wordt radioactieve straling gericht op de locatie van de
tumor. Ook de omliggende, voor- en achterliggende weefsels worden echter
meebestraald. Door de afbraak van cellen en het vrijkomen van toxines
uit de cellen hebben veel mensen last van moeheid en een katerig gevoel,
de zgn. stralenkater.
Een deel van de kankerpatienten herstelt na deze intensieve behandeling
qua moeheid, een groot deel kampt met chronische moeheid. Daarnaast zijn
er ook veelal psychische klachten als angst en depressie. Na deze confrontatie
met een potentieel dodelijke ziekte voelen veel mensen zich aangeslagen
en buitenspel gezet. Ook psychische klachten reageren vaak goed op homeopathie.
Homeopathie: ontstoren chemotherapie
Een van de homeopathische interventies is het ontstoren van de cytostatica.
Van elk cytostaticum is een homeopathische potentie gemaakt, door deze
potentie in een C30 elke week of een C200 elke 2 weken in te nemen (gedurende
6-8 weken) zie je vaak de moeheid deels verdwijnen. Dit ontstoren kan
ook jaren na de chemotherapie. Het begrip ontstoren is door de (inmiddels
overleden) homeopathisch arts Tinus Smits in de homeopathie in Nederland
geïntroduceerd. Hij paste het veelal toe op het ontstoren van inentingen.
Een voorbeeld uit de praktijk
Behandelend arts: Alex Leupen
Mevr. H. is 37 jaar, getrouwd, 2 kinderen en werkt 3 dagen per week bij
de overheid. ze is een jaar daarvoor geopereerd wegens borstkanker. Daarna
heeft ze een intensieve chemotherapie gehad met adriamycine en cyclofosfamide,
gevolgd door taxol en herceptine. Daarna is ze bestraald. Ze blijft erg
moe en lusteloos en slaapt slecht. Ik begin met het ontstoren van de cytostatica,
eerst met Adriamycine C30 en Cyclofosfamide C30, later met Taxol C30 en
Herceptine C30. Hierna knapt ze snel op, haar moeheid verdwijnt en ze
slaapt veel beter.
Homeopathie en bestraling
Bij moeheid na bestraling geef ik meestal Radium bromatum C30 elke week
of Radium bromatum 200K elke 2 weken. Dit kan zowel tijdens de bestralingsweken
als daarna, ook jaren later.
Dit middel werkt de bestraling niet tegen maar buffert de negatieve bijwerkingen,
mensen zijn vaak veel minder moe.
Een voorbeeld uit de praktijk
Behandelend arts: Alex Leupen
Dhr. B. (59 jaar oud) kwam twee jaar geleden op consult met klachten van
een lekkende fistel, na brachy-therapie i.v.m. prostaatcarcinoom jaren
geleden. Hij is zes maal aan de fistel geopereerd zonder resultaat. De
fistel blijft constant lekken, soms pussend, soms waterig. Hij moet maandverband
dragen om dit op te vangen.
Ik schreef hem Radium bromatum 200K voor, elke week 2 granules. Na enkele
dagen stopte het lekken van de fistel, sedertdien is hij tot op heden
droog gebleven. Hij is hier heel blij mee. De fistel is nog niet verdwenen
maar zijn kwaliteit van leven is sterk verbeterd.
Homeopathie en hormonale therapie
Veel vrouwen met borstkanker krijgen bij een oestrogeengevoelige tumor
hormonale therapie als Tamoxifen of aromataseremmers als Arimidex. Soms
worden zelfs de eierstokken verwijderd. Dit geeft nogal eens opvliegers,
spier- en gewrichtsklachten en moeheid. Soms depressiviteit, stemmingswisselingen
en verlies van libido (geen zin om te vrijen). Deze klachten door hormonale
therapie reageren vaak goed op homeopathie.
|